Ergernis over bezwarencommissie geuit

Bijgewerkt: vr 19 maart 2021 - 21:01 uur

> Start
> Kostendelersnorm bijstand, een doorn in het oog

Ray Heijder ergert zich nu nog meer aan de opstelling van de onafhankelijke bezwaarcommissie en schrijft een brief waarin hij de handelswijze van de commissie als onrechtmatig aanmerkt.

Onrechtmatig handelen bezwarencommissie

Gemeente Apeldoorn
Onafhankelijke bezwarencommissie
t.a.v. [naam voorzitter]
via de secretaris, [naam secretaris]

Vaassen, 10 december 2020

Onrechtmatig handelen bezwarencommissie bij bezwaar DOS-2020-071919

Geachte mevrouw [naam voorzitter],

Op 9 december 2020 heeft u mij een brief gezonden waarin u aan mij meedeelt dat mijn bezwaar met kenmerk DOS-2020-071919 zonder horen zal worden afgedaan.
Ik merk uw handelen aan als onrechtmatig. U brengt mijn rechtspositie in gevaar.

TOELICHTING
Er wordt door u een ongeldig beroep gedaan op artikel 6:5, eerste lid, onder d, van de Awb en artikel 6.6 van de Awb.

  1. U heeft op 30 oktober 2020 gesteld dat mijn bezwaarschrift concrete gronden mist en u heeft mij in de gelegenheid gesteld om binnen vier weken het (veronderstelde) verzuim te herstellen.
  2. Met mijn brief van 3 november 2020 heb ik nagenoeg per omgaande gereageerd. In die reactie heb ik aangegeven dat naar mijn mening de gronden wel voldoende aanwezig zijn bij de commissie.
  3. Naar nu blijkt, bent u dat niet met mij eens. U heeft echter verzuimd om dat binnen redelijke termijn aan mij te berichten. Daarmee heeft u mij in onwetendheid gelaten en de mogelijkheid ontnomen om binnen de gegeven vier weken - die nog lang niet waren gepasseerd – op basis van uw argumenten alsnog met concrete gronden te komen.
  4. Er kan vanwege mijn reactie op 3 november niet worden gesteld dat ik weigerde om verzuim te herstellen of dat ik het verzoek tot aanvulling negeerde. Hoogstens dat er een verschil van inzicht is over het concrete karakter van de bezwaargronden. Daar had nog door u over doorgevraagd kunnen worden, binnen de termijn van vier weken en desnoods tijdens het horen.
  5. In plaats van zorgvuldig en met fair play te handelen, heeft u het verstrijken van de vier weken afgewacht om mij vervolgens met niet-ontvankelijkheid te confronteren.

Bij de professionele behandeling van bezwaarschriften is het niet de bedoeling dat het bestuursorgaan en/of de onafhankelijke bezwarencommissie pogingen doen om een belanghebbende te slim af te zijn, maar om een goede afweging, in rechte te maken.

De onafhankelijke bezwarencommissie heeft een adviesrol en is niet bevoegd te beslissen over de ontvankelijkheid van een bezwaarschrift. Dat doet de commissie in dit geval ook niet en stel ik ook niet. De commissie is ‘van oordeel dat’.

Het aanzien dat de onafhankelijke bezwarencommissie heeft bij het beslissingsbevoegde bestuursorgaan zal er echter toe leiden dat een oordeel over de ontvankelijkheid van een bezwaarschrift altijd wordt overgenomen als beslissing door het bestuursorgaan. Hiermee wordt het onrechtmatig handelen van de commissie ten nadele van mij doorvertaald naar het handelen van het bestuursorgaan dat dientengevolge ook onrechtmatig zal zijn.

Ik verzoek u corrigerend te handelen door:

  1. • Mij een nieuwe termijn*¹ te geven waarbinnen ik alsnog een poging kan doen om met meer gronden voor het bezwaar te komen. Ik heb die gronden, waarbij ik opmerk - zoals ik in mijn reactie van 3 november 2020 al aangaf, de commissie in feite ook, tenzij het bestuursorgaan op de zaak betrekking hebbende stukken heeft achtergehouden voor u.*¹ Ik kan ermee leven dat de beslissingstermijn die voor het bezwaar geldt met de lengte van de nieuwe hersteltermijn wordt verlengd.
  2. Afhankelijk van mijn poging tot herstel van het verzuim uw oordeel over de ontvankelijkheid van het bezwaarschrift te herzien.
  3. Indien die herziening leidt tot ontvankelijkheid van mijn bezwaarschrift, alsnog over te gaan tot horen.

Hoogachtend,

R.M.F. Heijder