Arbeidsverplichting: uniformen en maatpakken

Update: ma 3 augustus 2020 - 14:58 uur

> Blog

3 augustus 2020 – De ‘arbeidsverplichting’ is een verzamelnaam voor diverse verplichtingen die je als bijstandsgerechtigde hebt, gericht op het verkrijgen, aanvaarden en behouden van algemeen geaccepteerde arbeid naar vermogen. Daarbij is er een zeer belangrijk onderscheid tussen geüniformeerde en niet-geüniformeerde verplichtingen.

Een uniform voor iedereen

Geüniformeerde arbeidsverplichtingen zijn verplichtingen die rechtstreeks uit de Participatiewet blijken en landelijk voor elke bijstandsgerechtigde gelden. Het maakt hierbij dus niet uit van welke gemeente jij jouw bijstandsuitkering krijgt.

Je bent automatisch aan de geüniformeerde verplichtingen gehouden vanaf het moment dat jij je bij de gemeente (UWV) meldt voor een bijstandsuitkering.
Dat is dus al voordat je deze überhaupt toegewezen hebt gekregen.

Er is geen plan van aanpak bij besluit vereist om jou aan de geüniformeerde verplichtingen te houden.

  • Algemeen geaccepteerde arbeid aanvaarden en behouden
    Opmerkelijk: verkrijgen staat hier niet bij!
  • Inschrijven bij een uitzendbureau
    Opmerkelijk: geen meervoud (uitzendbureaus)
  • Bij verhuizing naar andere gemeente uit eigen beweging naar vermogen algemeen geaccepteerde zoeken in de betreffende gemeente.
  • Bereidheid om 3 uur te reizen
  • Bereidheid om te verhuizen
  • Kennis en vaardigheden verkrijgen en behouden
  • Kleding, persoonlijke verzorging en gedrag
  • Gebruikmaken van een door het college aangeboden voorziening
    Dit bepaalt dat je van een aanbod gebruik moet maken, maar wel moet het college motiveren dat het aantoonbaar zorgvuldig op jou is afgestemd.

Een maatpak voor uitverkorenen

Heel anders ligt het bij de niet-geüniformeerde arbeidsverplichtingen. Die hebben onder meer de volgende kenmerken:

  • Gelden specifiek voor jou. Dus op maat (maatwerk).
    Iemand anders in jouw gemeente of uit een heel andere gemeente heeft dezelfde verplichting mogelijk niet.
  • Het college heeft er een beslissing voor moeten nemen op basis van wat zij nodig acht.
    Gaat vaak via een consulent, klantmanager, et cetera.
  • Zijn niet direct uit de Participatiewet af te leiden, maar uit de op deze landelijke wet gebaseerde gemeentelijke wet- en regelgeving.
    Gemeentelijke verordeningen, beleidsregels, et cetera.
  • Zijn net zo verplichtend als de geüniformeerde arbeidsverplichtingen, maar worden op andere wijze opgelegd.
    Via een voorziening als een aanbod van het college dat moet worden aangenomen op grond van één van de wel geüniformeerde arbeidsverplichtingen.

Een besluit (Awb) is vereist!

Het college is verplicht om het opleggen van een niet-geüniformeerde arbeidsverplichting met een besluit dat openstaat voor bezwaar en beroep te bekrachtigen.

De reden hiervoor is dat een opgelegde niet-geüniformeerde arbeidsverplichting een wijziging aanbrengt in de rechtspositie van de belanghebbende.

Het opleggen van een niet-geüniformeerde arbeidsverplichting is een rechtshandeling, zijnde een menselijke handeling met een beoogd rechtsgevolg.

In de praktijk zal het besluit het plan van aanpak zijn dat verplicht is bij een aanbod van het college, zijnde een uitwerking van de ondersteuning bij arbeidsinschakeling.

Uit dat plan van aanpak moet blijken dat het aanbod zorgvuldig op de persoon is toegesneden en dat daarbij de persoonlijke feiten en omstandigheden zijn meegewogen.